Profielschets Statenlid

Functieprofiel Statenlid

Functieprofiel Statenlid

Doel van de functie:

Op basis van het eigen verkiezingsprogramma het volk vertegenwoordigen, kaders stellen over hoe de provinciale taken worden uitgevoerd en de financiën verdelen over de verschillende taken. Na vaststelling van deze kaders en verdeling van de financiën controleren of het college de taken zo uitvoert als vastgesteld. 

Voorwaarde voor de functie:

Kiesgerechtigd zijn en wonen in de provincie waar hij of zij Statenlid is. Conform het Reglement Kandidaatstelling en verkiezingenis een Statenlid lid van de ChristenUnie, voldoet aan de eisen van de wet en heeft de bewilligingverklaring en gedragscode van de ChristenUnie getekend. Het Statenlid beheerst de Fryske taal tenminste passief. Dit betekent concreet dat hij/zij het Fries kan verstaan en lezen.

Kandidaten die solliciteren voor een verkiesbare plaats op de kandidatenlijst:

  • hebben voldoende ervaring in een politiek gremium of in een ambtelijke functie die daarmee rechtstreeks verband houdt.
  • kunnen wekelijks de woensdag -de vaste vergaderdag van PS- vrij maken en hebben in ieder geval 15 tot 20 uur per week beschikbaar voor het statenwerk.

Plaats binnen de provinciale unie:

Ieder Statenlid legt verantwoording af aan de rest van de fractie. Leden van de Provinciale Unie kunnen ieder Statenlid aanspreken op het beleid van de fractie. Het Statenlid is onderdeel van de fractie en valt onder de verantwoording van de fractievoorzitter. 

Functie-inhoud:

Het statenlid is eindverantwoordelijk voor de volgende taken:

  • Optreden als volksvertegenwoordiger op provinciaal niveau
  • Controleren van de uitvoering van het provinciaal beleid door Gedeputeerde Staten

Daarnaast is hij/zij betrokken bij de volgende taken:

  • Vaststellen van hoofdlijnen van het provinciaal beleid
  • Vaststellen provinciale begroting
  • Meebeslissen over uitvoering van openbare werken, zoals bijvoorbeeld de bouw van Thialf

Om dit goed te kunnen doen, maakt een Statenlid deel uit van een fractie, bestaande uit steunfractieleden en Statenleden. Samen geven zij invulling aan deze taken. Een Statenlid is op veel manieren actief. Een kleine greep uit de taken: hij / zij moet stukken doorgronden, consequenties van beleid overzien, financiële onderbouwingen begrijpen, contacten onderhouden met burgers en organisaties, netwerken, communiceren met de achterban, werken aan zijn / haar zichtbaarheid (profileren), en in staat zijn om nieuwe initiatief(voorstellen) op te stellen/te ontwikkelen.

Dit vraagt veel van een Statenlid en maakt het wenselijk dat een Statenlid beschikt over de volgende competenties: 

Gewenste competenties aangevuld met gedragsindicatoren 

  1. Mondelinge vaardigheid

Ideeën en meningen in begrijpelijke taal aan anderen duidelijk maken en het taalgebruik aanpassen aan het niveau van de ander.

  • Past taalgebruik aan het niveau van anderen aan
  • Plaatst een verhaal / boodschap in een bredere context zonder dat het hierdoor ingewikkelder wordt
  • Gebruikt in debatten steekhoudende argumenten en formuleert die helder
  • Weet een complex verhaal te vereenvoudigen zodat het voor iedereen te volgen is
  • Is in staat om een herkenbaar ChristenUnie-geluid te laten horen.

2. Omgevingsbewustzijn

Op de hoogte zijn van relevante maatschappelijke, politieke en vakinhoudelijke ontwikkelingen en trends en deze kennis effectief benutten ten behoeve van de eigen organisatie

  • Volgt actief de maatschappelijke en politieke ontwikkelingen op zijn terrein
  • Neemt actief deel aan netwerken die relevant zijn om te kunnen anticiperen op ontwikkelingen
  • Vertaalt informatie over ontwikkelingen in voorstellen / beleid voor de eigen omgeving
  • Heeft oog voor hoe andere partijen reageren op ontwikkelingen en zoekt tijdig samenwerking of neemt onderscheidend standpunt in.

3. Politieke en bestuurlijke sensitiviteit

Zich kunnen verplaatsen in het politieke speelveld; complexe belangen onderkennen waar betrokken partijen mee geconfronteerd worden; de politieke haalbaarheid van voorstellen kunnen inschatten.

  • Anticipeert op mogelijke weerstanden bij andere fracties
  • Onderkent de gevolgen van bepaalde beslissingen en maakt deze bespreekbaar
  • Kan de voor- en nadelen van politieke voorstellen benoemen
  • Weet wanneer wel en wanneer niet op de voorgrond te treden

4. Onafhankelijkheid

Acties ondernemen en uitspraken doen die getuigen van een eigen visie of mening; anderen niet naar de mond praten.

  • Brengt plannen en voorstellen naar voren die afwijken van het beleid
  • Durft van mening te verschillen
  • Deinst niet terug voor weerstand tegen de eigen plannen en mening
  • Doorbreekt vastgeroeste gewoonten en laat zien dat het ook anders kan
  • Laat zich onder druk niet verleiden om grenzen van eigen overtuiging te overschrijden.

5. Overtuigingskracht

Anderen voor standpunten en ideeën proberen te winnen en draagvlak creëren.

  • Anticipeert op tegenargumenten en hanteert zelf goede tegenargumenten
  • Gelooft in de eigen voorstellen en straalt dit uit
  • Creëert draagvlak voor voorstellen die moeilijk liggen
  • Laat de ander de mogelijkheden en de voordelen van de voorstellen zien
  • Maakt gebruik van hoor en wederhoor

6. Netwerken

Ontwikkelen en verstevigen van relaties, allianties en coalities binnen en buiten de eigen organisatie en die aanwenden om informatie, steun en medewerking te verkrijgen.

  • Onderneemt actie om contacten te leggen en te onderhouden
  • Doet regelmatig beroep op vaste contactpersonen binnen de bij het onderwerp betrokken organisaties
  • Maakt gebruik van contacten die ontstaan zijn bij sociale evenementen
  • Neemt regelmatig opnieuw contact op met anderen om het bestaande netwerk te onderhouden
  • Is in staat een goede relatie met de pers op te bouwen en te onderhouden.

7. Samenwerken

Of effectieve wijze (mee)werken aan een gezamenlijk resultaat, door niet het eigen belang voorop te stellen. Communicatie openhouden en stimuleren.

  • Deelt kennis en ervaring met anderen
  • Laat duidelijk zien het gezamenlijk resultaat belangrijk te vinden
  • Signaleert wanneer anderen hulp nodig hebben en neemt taken zo nodig over
  • Staat open voor de mening en ideeën van anderen in de groep of het team
  • Viert successen en betreurt mislukking gezamenlijk

 

Aanvulling functieprofiel lijsttrekker / fractievoorzitter

Na de verkiezingen kiest de nieuwe fractie haar voorzitter. Vaak is dit de lijsttrekker of, als dit de kandidaat-gedeputeerde is, de nr. 2. Zowel de lijsttrekker als de fractievoorzitter hebben extra taken en verantwoordelijkheden.

De lijsttrekker

  • voert de belangrijkste debatten in campagnetijd
  • is het gezicht van de ChristenUnie in campagnetijd
  • is het aanspreekpunt voor de media

Fractievoorzitter:

De fractievoorzitter geeft als primus-interparis leiding aan de fractie. Voor hem of haar kan het volgende aanvullende gesteld worden. De fractievoorzitter:

  • draagt bij aan een open en doelgerichte communicatie in de fractie
  • ziet het grotere plaatje vanuit het perspectief van de ChristenUnie
  • is een echte teamspeler die zijn (steun)fractie enthousiasmeert en stimuleert
  • heeft oog voor de onderlinge verschillen en kwaliteiten en laat mensen tot bloei komen, zorgt dat alle fractieleden op de goede plek zitten
  • kan zowel coachen als delegeren
  • kan knopen doorhakken
  • zit aan tafel bij de onderhandelingen na de verkiezingen

Deze functie vraag om extra kwaliteiten op het gebied van leidinggeven, politieke sensitiviteiten onderhandelen.

Leidinggeven:

  • Schat de kwaliteiten van anderen goed in en benut deze.
  • Spreekt anderen op resultaten en functioneren aan.
  • Zorgt voor passende ondersteuning en begeleiding om doelen te bereiken.
  • Stimuleert anderen om te komen met eigen initiatieven die bijdragen aan de gewenste resultaten.
  • Vertaalt strategische doelen naar praktisch uitvoerbare activiteiten.

Onderhandelen:

Optimale resultaten behalen bij gesprekken met tegenstrijdige belangen, zowel op inhoudelijk gebied als op het gebied van het goed houden van de relatie.

  • Weet wanneer toegevend en wanneer vasthoudend te zijn in de onderhandelingen
  • Bepaalt vooraf de eigen grenzen en mogelijke concessies
  • Zoekt naar het gezamenlijke belang tijdens de onderhandelingen
  • Komt op het juiste moment met de juiste argumenten

ALGEMEEN

Fundament

Voor alle politieke en bestuurlijke functionarissen van de ChristenUnie geldt dat zij de grondslag van de partij van harte moeten kunnen onderschrijven. Deze luidt: Gedreven door Gods liefde en Christus’ koningschap wil de ChristenUnie zich inzetten voor de samenleving en het bestuur van ons land. Zij erkent dat de overheid door God is gegeven en in Zijn dienst staat om recht te doen en vrijheid en vrede te beschermen, wereldwijd. De ChristenUnie baseert haar politieke principes op de Bijbel, Gods geïnspireerde en gezaghebbende Woord. Haar leden verenigen zich vanuit het christelijk geloof, zoals kernachtig verwoord in de Geloofsbelijdenis van Nicea.

ChristenUnie raadsleden zijn herkenbare navolgers van Christus in de politiek. Zij onderschrijven het kernprogramma van de ChristenUnie waarin de politieke visie voor de lange termijn is vastgelegd. In de preambule zijn het perspectief, het fundament en de kernwaarden vastgelegd. Deze preambule luidt: De politieke visie van de ChristenUnie staat in het perspectief van geloof, hoop en liefde. Geloof in de almachtige Schepper geeft richting aan de politiek: Hij laat niet los wat Zijn hand begon. Jezus Christus, Wie alle macht is gegeven in hemel en op aarde, geeft hoop op een leven over de grenzen van deze wereld heen. De Heilige Geest inspireert tot navolging van Christus in Zijn liefde.

Zoals vastgelegd in haar grondslag, fundeert de ChristenUnie haar politieke visie op het betrouwbare Woord van God, de Bijbel. Met haar politieke visie staat de ChristenUnie in een levende traditie van eeuwenlang christelijk denken over mens, maatschappij en overheid, vanaf de kerkvader Augustinus tot op de dag van vandaag. De ChristenUnie put politieke wijsheid uit de Oecumenische Belijdenissen, de Drie Formulieren van Eenheid, de Verklaring van Lausanne en andere belangrijke verwoordingen van de Bijbelse boodschap voor het publieke leven. In de politieke visie van de ChristenUnie staan drie kernwaarden centraal, die leidend zijn voor haar inzet voor gerechtigheid in Nederland en in heel de wereld:

Dienstbare samenleving

God laat mensen opbloeien in relaties, samenwerking en onderlinge zorg. Een dienstbare samenleving vraagt een betrokken, maar ook bescheiden overheid. De overheid zet zich in voor de maatschappelijke ordening waarin mensen hun talenten kunnen ontwikkelen en in vrijheid hun verantwoordelijkheden kunnen nemen.

Geloofsvrijheid

God maakt mensen verantwoordelijk door ze vrijheid te geven. De overheid beschermt en respecteert deze vrijheid. Alle mensen hebben het recht om in vrijheid hun geloof en overtuiging te delen, met elkaar, met hun kinderen en in de samenleving.

Waardevol leven

Alle leven is Gods waardevolle gift. De overheid zet zich in voor duurzame ontwikkeling van- en een zorgvuldige omgang met heel Zijn schepping. De overheid staat voor de waardigheid en de rechten van alle mensen: krachtig of kwetsbaar, geboren of ongeboren, nabij of veraf.

Een vertegenwoordiger van de ChristenUnie is daarom herkenbaar aan:

  • Een dienstbare en respectvolle houding

De grondhouding van elke kandidaat die een politiek-bestuurlijke functie wil bekleden moet zijn dat hij van harte bereid is om in een dienende functie werkzaam te zijn, d.w.z. om God, de naaste en de samenleving te dienen. Concreet betekent dit: niet het eigen belang voorop en niet willen heersen, maar nederigheid, willen samenwerken, respecteren van de waardigheid en rechten van alle inwoners.

  • Authenticiteit en integriteit

De politiek lijkt onder steeds grotere invloed te staan van media, hypes en opiniepeilingen. Een ChristenUnie-politicus blijft daarin zichzelf en houdt vast aan de Bijbel, het verkiezingsprogramma en duidelijke waarden en normen. Hij of zij is eerlijk, ook over gemaakte fouten Integer handelen betekent doen wat je zegt en zeggen wat je doet. Niet alleen strikt de regels volgen, maar in relatie tot mensen en middelen een betrouwbaar, transparant christen zijn, een mens uit één stuk. Vertrouwen wekken door sociale en ethische normen te handhaven, ook als het spannend wordt.

  • Bereidheid om te leren

We zoeken geen schapen met vijf poten. Belangrijk is dat een kandidaat de bereidheid en inzet toont om te leren en zich te ontwikkelen. Hiervoor is het belangrijk dat de genoemde competenties zoveel mogelijk in potentie aanwezig